Sylwester Ostrowski

Een gesprek met de Poolse saxofonist/festivaldirecteur/organisator/producer






De Poolse saxofonist/festivaldirecteur/organisator/producer Sylwester Ostrowski was afgelopen maand artist in residence tijdens het Amersfoort World Jazzfestival. De journalist van Jazz’halo trof hem op het terras van het Amersfoortse stadscafé de Observant en ging met hem in gesprek, o.a.  over zijn albums  ‘Jammin’with KC’ (2020) en ‘In Our Own Way’ (2018).


Laten we het over Our Own Way hebben. Hoe is dit album tot stand gekomen?

Sylwester Ostrowski: Dit album is opgenomen in 2018 ter nagedachtenis aan honderd jaar Poolse onafhankelijkheid en zestig jaar Brubeck in Polen. In ’58 toerde pianist Dave Brubeck door o.a. Oost Europa. Deze tournee werd ondersteund door de Amerikaanse overheid. In dat jaar startte het ‘Jazz Ambassadors’ programma en de eerste tournee in deze reeks werd verzorgd door het Dave Brubeck Quartet. Dit programma was een onderdeel van de Amerikaanse strijd tegen het communisme. De Amerikanen stuurden Jazz over de hele wereld, vooral Oost-Europa, de door de communistische partijen overheerste landen. Na Oost-Europa bezochten de artiesten Turkije en  Iran en het Midden-Oosten, in dit tijd gezworen vijanden van de VS. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken gebruikte de jazz als een cultureel wapen. Dizzy Gillespie was een van de initiatiefnemers.

Het was Brubecks eerste keer in Europa?

Sylwester Ostrowski: Ja. Dave Brubeck startte in Polen en daarna naar Turkije en het Midden-Oosten. De tour begon in mijn geboortestad, Sczezin.

Waarom in jouw stad?

Sylwester Ostrowski: Dat heeft te maken met de geografische ligging. De Brubecks vlogen naar West-Berlijn en van daaruit was Sczezin de dichtstbijzijnde Poolse stad. Vanuit Berlijn werd gebruik gemaakt van de nachttrein. Tegenwoordig is het twee uur rijden, maar destijds duurde het de gehele nacht vanwege alle formaliteiten en grenscontroles. Dave Brubeck bracht zijn gezin mee. Zijn vrouw Lola en twee zonen, Darius en Mike. Darius was 11 jaar toen hij 60 jaar geleden in Polen arriveerde. Het was gelijk zijn podiumdebuut, hij speelde piano op het podium met de Dave Brubeck band. Dit debuut in Sczezin is te danken aan Roman Wasco, de beroemde Poolse jazzpresentator. Hij stelde Dave Brubeck voor zijn zoon piano te laten spelen. Brubeck gaf gehoor aan de oproep en nam zijn zoon het podium op. Dave liet hem meespelen op 'Take the “A” Train' van Duke Ellington.

Toen ik door de Poolse radio werd uitgenodigd voor een concertprogramma ter ere van 100 jaar onafhankelijkheid, stelde ik voor om deze twee feiten te combineren: de Poolse onafhankelijkheid en het Brubeck-concert uit 1958.


Je besloot dus om de Poolse onafhankelijkheid te koppelen aan de vrijheidstournee van Brubeck?

Sylwester Ostrowski: We bezochten dezelfde steden in Polen, zoals Krakau, Sczezin, Warschau, Poznan.

Laten we het hebben over je persoonlijke inspiratie. Waar is het begonnen?

Sylwester Ostrowski: Ja, ik ben opgegroeid in Sczezin. Mijn vader was een succesvolle amateur saxofoonspeler. Er klonk altijd muziek in mijn ouderlijk huis. Ik ging naar de muziekschool en begon saxofoon te studeren en te spelen. Toen ik een jazzconcert van de legendarische Poolse altsaxofonist Zbigniew Namyslowsky bijwoonde, werd ik verliefd op jazz en besloot ik deze muziek te spelen. Daarna ontmoette ik meer mensen die betrokken waren bij jazz, waaronder trompettist Piotr Krzemiński. Via hem heb ik veel internationale artiesten ontmoet, onder andere uit de New York City scene en uiteindelijk begon ik mijn eigen muzikale carrière. Ik heb een paar jaar door Japan en Europa getoerd. Ik ben zelden begeleider geweest. Ik heb altijd mijn eigen projecten geleid. Misschien had het te maken met mijn karakter, mijn persoonlijkheid, mijn aanpak. Ik voel me verantwoordelijk.

Je staat graag aan het roer, je leidt de Sczezin Muziekschool en het Jazzfestival in die stad. En bovenal: je waagde het om jazz te gaan spelen in een allerminst jazzminnend land.

Sylwester Ostrowski: Klopt, maar vreemd genoeg was ook in de communistische tijd de jazzmuziek hier al sterk. We hadden geweldige artiesten. Er was een tijd dat jazz verboden was en dat maakte het ingewikkeld om jazz te studeren. Maar er waren evengoed geweldige spelers, zoals Zbigniew Seifert, een van de beste violisten in de jazzgeschiedenis. Hij stierf op jonge leeftijd aan kanker. Hij maakte een paar toonaangevende albums in de Verenigde Staten. Daarnaast hadden we de legendarische Namyslowsky en Tomasz Stańko. Ondanks de politiek van de communisten is jazz in Polen altijd sterk vertegenwoordigd.

Tegenwoordig is het allemaal een stuk eenvoudiger. Er zijn veel scholen, het is gemakkelijk om muziek te studeren. In het verleden moesten muzikanten albums naar Polen smokkelen. Om nieuwe muziek te leren kennen, luisterden ze naar de buitenlandse jazzradio. Ze schreven zelf de partijen van de standards uit. Ze volgden de radio-uitzendingen van de Voice of America door Willis Conover, een programma dat één keer per week vanuit West-Berlijn werd uitgezonden. De uitgezonden muziek werd op een geniale manier op papier gezet. Omdat het onmogelijk was om transcripties ineens te noteren, werden er afspraken gemaakt. De eerste persoon schreef drie à vier maten, de tweede schreef de volgende vier maten etc… en op deze manier konden zes mensen één transcriptie uitwerken. Daarna kopieerden ze de muziek en stuurden deze door naar al hun vrienden in Polen. Een mooi staaltje improvisatie, vind je niet?

Zeker. Heel bijzonder, zeker als je het vergelijkt met onze tijd waarin zoveel muziek te beluisteren is via streaming media.

Sylwester Ostrowski: Klopt. De vraag is: is het nu zoveel beter? Tegenwoordig is het veel moeilijker om je aan een internationaal publiek te presenteren omdat er wereldwijd zoveel geweldige artiesten zijn! Overheden geven er niets om. We hebben zoveel uitmuntende artiesten, maar wat kunnen we ze bieden?


Wat probeer je daar als jazzambassadeur/leerkracht aan te doen?

Sylwester Ostrowski: Het is mijn missie om alle jazzmusici te ondersteunen. Het is onmogelijk om voor iedereen te zorgen. Er zijn te veel geweldige jonge muzikanten. Het is een wereldwijd probleem. Zo'n twintig jaar vond er een omslag plaats. Tot die tijd was je als jazzmuzikant verzekerd van een optreden in een club of op het festival. Om een voor mij onbekende reden droogden de jazzoptredens op en veel artiesten begonnen daarom aan  een universitaire loopbaan. Alle conservatoria startten een jazzprogramma. Jazzprofessionals gingen lesgeven in plaats van optreden. Om hun brood te kunnen verdienen met lesgeven moesten er steeds meer studenten worden geworven. Er is dus sprake van  overproductie. Als je meer auto's produceert, wil niemand ze kopen. Dat is nu het probleem, de scholen produceren te veel jonge kunstenaars en dan doen ze niet meer wat ze zouden moeten doen.

En laten we wel wezen, jazz is geen popmuziek.

Sylwester Ostrowski: Inderdaad. De vraag is: hoe kunnen we in ieder geval de grootste talenten helpen? In sommige landen is er een cultureel programma. In andere landen is er een uitwisselingsprogramma en in weer andere landen is er gewoon een festivalproducent die zijn eigen weg gaat. In Polen was er tot twee jaar geleden helemaal geen structuur. In 2019 nam ik deel aan een Poolse conferentie. Een open competitie voor Poolse jazzensembles. De jury stelde de regels op. De bands bestonden voor minimaal zestig procent uit Poolse artiesten en de deelnemers mochten niet ouder zijn dan 35 jaar. Er meldden zich ongeveer honderd bands. De acht beste bands werden voorgesteld aan de internationale experts, professionals, de promotors en festivaldirecteuren. Uit die bands selecteerden we nog eens zes jonge talenten en ik bracht die talenten mee naar Kansas City om een album op te nemen ter ere van de honderdste geboortedag van Charlie Parker. Het album verscheen vlak voor de uitbraak van de Covid-pandemie. De viering in Kansas City viel daarom helaas in het water. In Polen hebben we tussen juni en oktober toch nog een tournee kunnen houden met vijftig procent van het potentiële publiek.

Er was in ieder geval publiek.

Sylwester Ostrowski: Klopt. We hebben vorig jaar in ieder geval nog twintig concerten in Polen kunnen doen, wat best een flinke prestatie is in het Covid-tijdperk. De jonge talenten hebben dus een internationale reis naar Kansas City kunnen maken en ze kregen de kans om met levende legendes als Bobby Watson te spelen.

Dit is mijn manier om jonge talenten verder te helpen. Een andere manier zou zijn om ze een groot budget te geven en ze te laten doen wat ze willen, maar dat is onmogelijk. Het was niet mijn doel om ze te leren spelen, aangezien ze beter spelen dan ik, maar ik heb ze leren toeren, met managers en promotors te werken, ze hebben kunnen zien hoe ze zich moeten gedragen tijdens een tournee. Dat is een compleet nieuwe ervaring voor ze.


Het gaat dus allemaal om de beleving. Nu ben je een van de leraren in Polen. Is er uitwisseling tussen de andere Poolse scholen? Of is Sczezin de hoofdstad van de Poolse Jazz?

Sylwester Ostrowski: Nee, dat is het niet. Polen is een groot land. We hebben ongeveer 150 Poolse Jazzfestivals en ongeveer dertig grote onafhankelijke internationale jazzfestivals. Ik ben jazzpromotor en festivaldirecteur en artiest. Als ik een artiest leuk vind, probeer ik deze te helpen via mijn faciliteiten of ik huur ze in voor mijn band, of ik stuur hem of haar naar mijn festivals. En dat doen de overige Poolse festivals ook. Ze helpen jonge talenten. Ze helpen de wedstrijdwinnaar aan een opnamesessie of aan optredens.

Het is niet te vergelijken met 60 jaar geleden. En nu ben je in Nederland om Sczezin Jazz te vertegenwoordigen.

Sylwester Ostrowski: Sczezin Jazz is een internationaal festival. Internationaal in de breedste zin, wat betreft de artiesten, de samenwerking, het programma, de partners. Ik was en ben altijd meer internationaal verbonden, zowel in de Verenigde Staten, als in Europa en Rusland.

Wat zijn je plannen de aankomende tijd?

Sylwester Ostrowski: Volgend jaar richt ik me op Sczezin Jazz en Amersfoort Jazz. Ik ben in Amersfoort ambassadeur van het Sczezin Jazz. Via dit festival kan ik mijn Poolse talenten brengen. Mijn collega Alexander Beets brengt zijn artiesten naar het Sczezin Jazz Festival.

En wat zijn je plannen als uitvoerend artiest?

Sylwester Ostrowski: Ik heb een leuk project gedaan in het Italiaanse Anzio met verschillende artiesten, waaronder bassist Endea Owens en trompettist Freddie Hendrix. Het werd gestreamd door Jazzcorner. We hadden 300.000 kijkers. Het klonk goed en de akoestiek was geweldig. Ik wil het op plaat laten zetten. Waarschijnlijk wordt het mijn volgende album, dat in het tweede deel van dit jaar uit komt. Ik noem het "A night in Anzio". Check maar op Facebook.

Tekst © Robin Arends  -  foto’s © Peter Putters / Cees Wouda



In case you LIKE us, please click here:


Check out Jazz'halo radio: click on this logo please



our partners:

Clemens Communications


Silvère Mansis
(10.9.1944 - 22.4.2018)
foto © Dirck Brysse


Rik Bevernage
(19.4.1954 - 6.3.2018)
foto © Stefe Jiroflée


Philippe Schoonbrood
(24.5.1957-30.5.2020)
foto © Dominique Houcmant

 

Special thanks to our photographers:

Petra Beckers
Ron Beenen
Annie Boedt
Klaas Boelen
Henning Bolte

Serge Braem
Cedric Craps
Christian Deblanc
Paul De Cloedt
Cindy De Kuyper

Koen Deleu
Ferdinand Dupuis-Panther
Anne Fishburn
Federico Garcia
Robert Hansenne
Dominique Houcmant
Stefe Jiroflée
Herman Klaassen
Philippe Klein

Jos L. Knaepen
Tom Leentjes
Hugo Lefèvre

Jacky Lepage
Olivier Lestoquoit
Eric Malfait
Nina Contini Melis
Jean-Jacques Pussiau
Arnold Reyngoudt
Jean Schoubs
Willy Schuyten

Frank Tafuri
Jean-Pierre Tillaert
Tom Vanbesien
Jef Vandebroek
Geert Vandepoele
Guy Van de Poel
Cees van de Ven
Donata van de Ven
Harry van Kesteren
Geert Vanoverschelde
Roger Vantilt
Patrick Van Vlerken
Marie-Anne Ver Eecke
Karine Vergauwen
Frank Verlinden

Jan Vernieuwe
Anders Vranken


and to our writers:

Mischa Andriessen
Robin Arends
Marleen Arnouts
Werner Barth
José Bedeur
Henning Bolte
Danny De Bock
Ferdinand Dupuis-Panther
Federico Garcia
Paul Godderis
Stephen Godsall
Jean-Pierre Goffin
Bernard Lefèvre
Mathilde Löffler
Claude Loxhay
Etienne Payen
Yves « JB » Tassin
Herman te Loo
Georges Tonla Briquet
Henri Vandenberghe
Iwein Van Malderen
Jan Van Stichel
Olivier Verhelst