@ogata_photo
Interview naar aanleiding van de release van het duo “Angel Falls”, een duo met Wadada Leo Smith.
Hoe heb je Wadada ontmoet? Ik geloof dat dit niet de eerste keer is dat je met hem opneemt...
Ja. We hadden een concert gegeven, we werden uitgenodigd in The Stone in New York. Ik denk dat het in 2018 was, het was een improvisatie voor een benefietconcert dat we voor The Stone hadden gedaan. En daarna vroeg Wadada Leo Smith me om mijn nummer. Omdat het muzikaal goed was gegaan. Dus hij belde me op en we hebben vlak voor de pandemie een opname gemaakt. Dat was in december 2019 of januari 2020. We hebben een trio en een kwintet opgenomen. Het was een trio met hem, Marcus Gilmore en mij. Daarna hebben we ook een paar nummers opgenomen met een vibrafonist... En een gitarist. Daarna heb ik zijn pianist, Anthony Davis, vervangen. Tijdens de pandemie zijn we elkaar uit het oog verloren. Iedereen zat thuis opgesloten. Later heb ik hem uitgenodigd voor mijn opname van “Chimaera”. We hebben ook een paar concerten gegeven in New York. Hij heeft nog twee andere opnames gemaakt met een octet, met twee piano's. We hebben ook een paar concerten gegeven in Italië.
Welke optie heb je voor dit duo gekozen?
Het idee was om een album te maken waarop we noch mijn muziek, noch zijn muziek spelen. Ik wilde een album maken zonder partituur, waarop we ter plekke creëren. De titel van het album, ‘Angel Falls’, verwijst naar de watervallen in Venezuela, maar ook naar het beeld van een vallende engel. Ik vind dat een mooi beeld. Het heeft betekenis.
Als je zegt dat je dit album in twee uur hebt opgenomen, is dat dan iets wat je stress bezorgt of juist bevrijdt?
Neen, maar als we meer tijd nodig hadden gehad, hadden we het in drie uur gedaan. Er was geen tijdslimiet, het ging gewoon heel goed. Er waren geen extra takes. We hebben niets bewerkt. We hoefden geen nummers te knippen of te corrigeren. We hebben gewoon opgenomen. Alle nummers waren goed en het was klaar, waarna we meteen zijn gaan mixen.
© Geert Vandepoele
Wordt er aan het begin van een stuk door een van beide een richtlijn gegeven? Ga je het onbekende tegemoet?
Neen, helemaal niets. We begeven ons niet op onbekend terrein, we luisteren echt naar elkaar. We proberen echt om op dat moment iets te creëren.
Intuïtie is in dit soort situaties absoluut belangrijk...
Ja, maar tegelijkertijd is dat het doel van dit leven. Het leven is kort, dus je moet oplettend zijn, op het juiste moment aanwezig zijn. We praten niet. We hebben niet gepraat tijdens de opnames. We maken een stuk, we kijken elkaar aan, het is goed, we maken het andere stuk en dat is het. Er is geen verbale communicatie tussen de stukken door.
Wat me opviel tijdens het beluisteren van het album, is de soepelheid in de interactie tussen de twee muzikanten. Er is een soort huwelijk tussen de twee dat bijna vanzelfsprekend is. Een gelijke behandeling van de stemmen, een totale, eensgezinde deelname in wat jullie doen...
Alles kwam heel natuurlijk. Het is alsof hij me begrijpt, we begrijpen elkaar. Er zijn geen woorden nodig. Er valt niets te bewijzen, er is niets... Dat is wat ik zo leuk vind aan Wadada, dat we tot de essentie komen zonder al te veel woorden. Er is niets oppervlakkigs. We gaan rechtstreeks naar de emotie en volgen wat we moeten doen.
Wat me ook opviel bij het luisteren, is het vrolijke karakter van deze muziek. Terwijl ik vind dat dit soort zeer vrije hedendaagse muziek vaak een sterk intellectueel karakter heeft...
Het is altijd een genot om met Wadada te spelen, dat is een feit. In de wereld waarin we leven, denk ik dat muziek ook een moment is waarop we hoop geven en verlangen naar iets moois, iets dat ons goed doet. Ik denk dat de tijd nemen om naar muziek te luisteren hetzelfde is als voor jezelf zorgen. Ik denk dat dit nu nog belangrijker is dan vroeger.

© Geert Vandepoele
Tijdens een interview vertelde Wadada me over de esthetiek van de noodzaak. Dat komt ook naar voren in je eigen muziek, er is geen andere keuze dan op het moment zelf te creëren...
Absoluut, ja. Ik denk dat we dit album moesten maken, we moesten op dat moment iets belangrijks zeggen. En daarom praten we niet, we praten uiteindelijk heel weinig met elkaar. We hebben zelfs in oktober een tournee door Europa gedaan en we hadden geen behoefte om te praten. Er is geen behoefte aan ‘small talk’, zoals dat in het Engels heet.
Het viel me op dat hij creativiteit als een absolute noodzaak zag en zich niet liet leiden door dingen die al vaststonden. Dat leek me echt essentieel in zijn muziek...
Absoluut, maar wanneer we zijn composities spelen, of wanneer we mijn composities spelen, is dat toch anders. Daarom is er die wil bij ”Angel Falls": we improviseren niet. We componeren op het moment zelf, dat is de bedoeling. Bovendien gebruikt Wadada nooit de term improvisatie. Hij gebruikt de term creatie. Hij wil de term improvisatie niet gebruiken. En ik begrijp dat heel goed, er zijn geen clichés onder onze vingers als we samen spelen, geen geklets. Er is geen reflex van vingerzetting, geen vooraf opgenomen frase onder onze vingers. Ik denk echt dat elke noot wordt beluisterd.
En we proberen samen een wereld, een universum, een taal te schrijven. Dat is ook de reden waarom de opname niet drie of vier uur kan duren. Dat kun je niet in woorden uitdrukken.
Op de piano gebruik je werkelijk alles wat mogelijk is als taal. Of het nu op het klavier is, in het klavier, op de snaren of op de klankkast. Je gebruikt werkelijk alle mogelijkheden van de piano. Hoe ben je daarop gekomen?
Ik heb het altijd gedaan. Mijn vader had thuis een piano. Hij had die gekocht toen ik vijf jaar oud was. Ik was gefascineerd door dat instrument. Maar ik mocht er niet op spelen omdat het zijn piano was. Dus sloot hij hem af en wilde niet dat ik er te vaak op speelde, zodat ik hem niet zou beschadigen. Het was echt iets kostbaars. Ik wist waar de sleutel lag. Op woensdagmiddag, als ik uit school kwam, was er niemand thuis. Mijn broers waren er niet, mijn ouders ook niet. Dus rende ik naar huis om piano te spelen. Wat ik deed, was de piano openen en alles wat ik kon vinden in de piano stoppen. Ik moet vijf, zes jaar oud zijn geweest. Ik zette de radio keihard en probeerde alle geluiden die ik op de radio hoorde na te doen. Dat was mijn spel, net zoals andere kinderen met poppen spelen. Ik speelde met geluiden.
Wat ik zo mooi vind als ik met componisten als Wadada of grote meesters speel, is dat ik die kinderlijke vreugde van het creëren en spelen met geluiden terugvind. Ik heb dat mysterie, die schoonheid teruggevonden. Natuurlijk heb ik gewerkt met John Cage, Helmut Lachenmann, hedendaagse muziek die veel gebruikmaakt van de uitgebreide pianotechniek, dat wil zeggen de techniek buiten de toetsen. Ik gebruik geen metaal in mijn piano omdat dat niet goed is voor de snaren. Maar ik kan wel hout gebruiken... Ik hou niet van voorbereiding, ik hou ervan als het spontaan gebeurt. Met de jaren leer je dat onder de knie te krijgen door veel verschillende soorten muziek te spelen en dat in je engagement te integreren.

© Geert Vandepoele
Vind je het nuttig om te doen wat we nu aan het doen zijn: praten over je muziek?
Ik denk dat het deuren kan openen voor mensen die deze muziek niet kennen. Mensen die het album mooi vonden, krijgen er misschien ook een leidraad door waarmee ze de muziek beter kunnen begrijpen. Er is altijd een mysterieus aspect dat deel uitmaakt van de schoonheid van muziek of van de schoonheid van een gedicht of een kunstwerk. Maar door erover te praten, kun je echt deuren openen voor mensen die dit soort muziek niet kennen.
Ik denk ook dat voor mensen die niet bekend zijn met improvisatie, vrije muziek of wat meer avant-gardistische muziek, het altijd veel makkelijker is om naar een liveconcert te gaan dan thuis te blijven. Dus als ik iemand die deze muziek niet kent, maar wel nieuwsgierig is, een advies zou moeten geven, dan is het om het huis uit te gaan en naar een concert te gaan. Ik heb dat al gemerkt bij mijn buren, die deze muziek helemaal niet kenden. Ze horen het door de muren heen. Dan worden ze nieuwsgierig en ze gaan naar een concert. De eerste keer vinden ze het meestal maar matig. De tweede keer vinden ze het leuker. En nu komen ze naar alle concerten. Het is alsof je de wereld van een schilder ontdekt. Door erover te praten, kunnen mensen misschien nieuwsgieriger worden en vervolgens naar een concert gaan om ernaar te luisteren.
Over concerten gesproken, je gaat binnenkort op tournee in Europa...
Dat klopt. Met ‘Almathea’. Dat is met Thomas Morgan, Patricia Brennan en Dan Weiss. We doen een kleine tournee in april-mei. ”Almathea" bestaat uit muzikanten die allemaal iets jonger zijn dan ik en die erg... Ik zou zeggen nerds zijn, slimme kinderen, die heel snel denken, die erg... De muziek is veel... complexer, met veel polyritmiek, zeer gecomponeerd. En op 26 maart 2026 komt mijn album in trio met Kenny Wollesen en Drew Gress uit bij INTAKT.

© Veronique Hoegger
Het is een Zwitsers label. Het is een terugkeer naar de oorsprong. Wilde je bij dit label blijven?
Ik maak al sinds mijn twintigste platen voor dit label. Dat is een lang huwelijk…
Interview © Jean-Pierre Goffin (vrije vertaling: Jos Demol) - foto’s © Geert Vandepoele / @ogata_photo / Veronique Hoegger
In samenwerking met JazzMania

INTAKT RECORDS
In case you LIKE us, please click here:





Hotel-Brasserie
Markt 2 - 8820 TORHOUT

Silvère Mansis
(10.9.1944 - 22.4.2018)
foto © Dirck Brysse

Rik Bevernage
(19.4.1954 - 6.3.2018)
foto © Stefe Jiroflée
Philippe Schoonbrood
(24.5.1957-30.5.2020)
foto © Dominique Houcmant

Claude Loxhay
(18.2.1947 – 2.11.2023)
foto © Marie Gilon

Pedro Soler
(8.6.1938 – 3.8.2024)
foto © Jacky Lepage

Sheila Jordan
(18.11.1928 – 11.8.2025)
foto © Jacky Lepage
Raúl Barboza
(22.5.1938 - 27.8.2025)
foto © Jacky Lepage
Special thanks to our photographers:
Petra Beckers
Ron Beenen
Annie Boedt
Klaas Boelen
Henning Bolte
Serge Braem
Cedric Craps
Luca A. d'Agostino
Christian Deblanc
Philippe De Cleen
Paul De Cloedt
Cindy De Kuyper
Koen Deleu
Ferdinand Dupuis-Panther
Anne Fishburn
Federico Garcia
Jeroen Goddemaer
Robert Hansenne
Serge Heimlich
Dominique Houcmant
Stefe Jiroflée
Herman Klaassen
Philippe Klein
Jos L. Knaepen
Tom Leentjes
Hugo Lefèvre
Jacky Lepage
Olivier Lestoquoit
Eric Malfait
Simas Martinonis
Nina Contini Melis
Anne Panther
France Paquay
Francesca Patella
Quentin Perot
Jean-Jacques Pussiau
Arnold Reyngoudt
Jean Schoubs
Willy Schuyten
Frank Tafuri
Jean-Pierre Tillaert
Tom Vanbesien
Jef Vandebroek
Jean-Marie Vandelannoitte
Geert Vandepoele
Guy Van de Poel
Cees van de Ven
Donata van de Ven
Harry van Kesteren
Geert Vanoverschelde
Roger Vantilt
Patrick Van Vlerken
Marie-Anne Ver Eecke
Karine Vergauwen
Frank Verlinden
Jan Vernieuwe
Anders Vranken
Didier Wagner
and to our writers:
Mischa Andriessen
Robin Arends
Marleen Arnouts
Werner Barth
José Bedeur
Henning Bolte
Paul Braem
Erik Carrette
Danny De Bock
Denis Desassis
Pierre Dulieu
Ferdinand Dupuis-Panther
Federico Garcia
Paul Godderis
Stephen Godsall
Jean-Pierre Goffin
Claudy Jalet
Chris Joris
Bernard Lefèvre
Mathilde Löffler
Claude Loxhay
Ieva Pakalniškytė
Anne Panther
Etienne Payen
Quentin Perot
Jacques Prouvost
Jempi Samyn
Renato Sclaunich
Yves « JB » Tassin
Herman te Loo
Eric Therer
Georges Tonla Briquet
Henri Vandenberghe
Jean-Jacques Vandenbroucke
Peter Van De Vijvere
Iwein Van Malderen
Jan Van Stichel
Olivier Verhelst