Matthias Van den Brande: OPUS #1


“Ik streef naar een clash van klankkleuren in klassiek en jazz”




© Pull & Over photographs



Saxofonist Matthias Van den Brande (25) groeide bedacht en zelfzeker naar zijn debuutproject OPUS #1. Hierin toont hij vol overgave wat hem muzikaal raakt, van samba tot impressionisme, souljazz, Mozart en Monk. Geen hokjesdenken dus. Wel composities met een uitgesproken persoonlijke, kleurrijke, warme sound vervat in krachtige, doorleefde verhalen in een verfrissende combinatie van kwartet met blaaskwintet.

Zijn ervaring met bigband (Bravo Big Band, Belgium Jazz Big Band, Jazz Station Big Band) is er niet vreemd aan dat hij breed denkt en de durf heeft ontwikkeld om zich als solist en arrangeur/componist een eigen weg te banen.

Hij werd in 2016 als beloftevol, jong talent geselecteerd in het The Future Is Now project van het Brussels Jazz Orchestra. En hij was een van de zes uitverkoren schrijvers/arrangeurs/solisten die in april 2018 met het Antwerp Jazz Orchestra o.l.v. Bert Joris schitterde met Joshua Redman (Matthias bewerkte Faraway uit Redmans album Compass).

Nu is Matthias Van den Brande er helemaal klaar voor om de spotlight te claimen voor zijn eigen debuutalbum OPUS #1, dat initieel ontstond aan het Conservatorium van Amsterdam waar hij zijn Master behaalde in 2017. Ter voorbereiding van de opname van Opus #1 werd Van den Brande met zijn group in januari 2018 uitgenodigd voor een ‘in residentie' in JazzCase Dommelhof in Neerpelt.



© Pull & Over photographs


Waarom besloot je in Amsterdam te gaan studeren?

Matthias Van den Brande: Na mijn bachelor studies bij Kurt Van Herck aan het Conservatorium van Antwerpen ben ik op aanraden van Bert Joris naar Amsterdam getrokken om er les te volgen bij Jasper Blom. Het was aanvankelijk een Erasmus-uitwisseling. Mijn masterstudies heb ik dan ook aan het Conservatorium in Amsterdam beëindigd. Het conservatorium is daar groter en internationaler, je treft er liefst 45 saxofonisten tegenover 6 in Antwerpen. Het is een uitdaging, want je moet jezelf bewijzen en de kansen grijpen, het niveau ligt erg hoog.

Je ontmoet er jongeren die het aan het maken zijn, bijvoorbeeld Ben Van Gelder en Joris Roelofs dat zijn een aantal inspirerende muzikanten waar ik persoonlijk een goede band mee heb.


Hoe is dit project ontstaan?

Matthias Van den Brande: Ik arrangeerde en schreef al wat voor onder meer de Bravo Big Band, volgde nog specifiek les bij Bert Joris en mocht dan rond het Joshua Redman project meewerken. Dat vond ik heel bemoedigend, maar ik wilde los van bigband meer mijn eigen weg gaan, als saxofonist/solist meer op de voorgrond treden met originele composities. Op het conservatorium in Amsterdam vormde ik een jazzkwartet waarvoor ik een aantal nummers schreef. Ik wou daar gelijk mee opnemen, maar de pianiste kon zich niet vrijmaken, omdat ze net toegelaten was voor de Monk Competition en naar New York verhuisde. Ook de bassist ging in New York studeren. Ik moest beslissen met wie ik de plaat zou opnemen en met wie ik op langere termijn kon samenwerken. Zo heb ik uiteindelijk dichter bij huis twee fantastische muzikanten ontdekt, pianist Alex Koo en bassist Soet Kempeneer, die vrijheid opzoeken binnen de composities die ik hen voorleg.

Als vaste waarde maakt de Amsterdamse drummer Robin van Rhijn deel uit van de band.


Waar komt die klassieke insteek vandaan?

Matthias Van den Brande: Mijn ouders hadden veel platen, waaronder een compilatie-cd met verschillende klassieke meesterwerken. Door deze cd is mijn interesse in klassieke muziek ontstaan en gegroeid.

Het was pas toen ik in de muziekschool les kreeg van Tom van Dyck dat ik aangespoord werd om jazz te spelen, maar de interesse voor klassieke muziek is altijd gebleven.

In mijn project OPUS #1 is die klassieke insteek geïnspireerd op een nummer van Wayne Shorter, Pegasus, opgenomen met zijn kwartet ondersteund door een blaaskwintet. Dat heeft me omver geblazen. Die combinatie van een improviserend kwartet met een klassiek ensemble. Zelf dacht ik eerst nog aan strijkers, maar dan krijg je een andere dimensie, met blazers kan je ook de ritmische elementen gebruiken en anders kleuren.

© Pull & Over photographs



Hoe vond je die vijf klassieke muzikanten voor je blaaskwintet?

Matthias Van den Brande: Op het conservatorium van Amsterdam zijn die gelukkig wel te vinden, op hoog niveau, maar ze moeten wel open staan voor zo’n project en zich daar goed in voelen. Sessies met klassieke muzikanten lopen niet van een leien dakje, ze kunnen niet terugvallen op bestaande opnames, hebben dus geen idee van de muziek het hebben het soms lastig met de vrijheid en onvoorspelbaarheid die jazz en improvisatie met zich meebrengen.

Maar na wat rond vragen en uitproberen met een nieuw geschreven stuk heb ik een blaaskwintet samengesteld van talentvolle studenten in Amsterdam: Teresa Costa op fluit, Maripepa Contreras Gámez op hobo, Tonio Comesaña op klarinet, Jochem van Hoogdalem op hoorn en Tania Otero Blanco op fagot.


Hoe heb je die blazerspartijen in je composities en arrangementen verwerkt?

Matthias Van den Brande: Ik speel zelf fluit en klarinet en heb een goede kennis van blaasinstrumenten, al vraagt het enige research en was het voor mij nieuw terrein. Bij bigband heb je veel stemmen en altijd de mogelijkheid een mooi akkoord te maken, bij het blaaskwintet is het balanceren tussen de hoge registers met hobo, fluit en klarinet tegenover de lage fagot, en daartussen in de hoorn. Het is echt wel een andere manier van componeren.

Het moeilijkste in deze bezetting is het kwartet vrij te laten in de improvisatie tegenover het blaaskwintet waarvoor het meestal uitgeschreven is en dus vast ligt. De opnames gebeurden met zijn allen in één enkele ruimte in Wisseloord Studios, heel geconcentreerd en met beperkte repetities. Ik ben heel blij dat het zo geslaagd is, want ik zou bij half werk alleen maar gefrustreerd geraken. En de mixing door Chris Weeda is voortreffelijk.


Je brengt ook een samba met een echte Braziliaanse zangeres…

Matthias Van den Brande: Dat nummer, Samba de Fogo, heb ik als laatste, instrumentaal, geschreven een paar maanden voor de opnames. De inspiratie voert me terug naar de periode dat Tom Van Dyck me in jazz over de schreef trok met het album ‘Jazz Samba’ van Stan Getz en Charlie Byrd. Getz werd toen mijn eerste idool. Ik dacht er meteen aan dat het leuk zou zijn als een zangeres dat brengt. Dus vroeg ik de in Nederland verblijvende en bekende Braziliaanse zangeres Lilian Vieira (bekend van Zuco 103-nvdr) of ze dit met mij wou opnemen. Heel enthousiast schreef ze er een passende Portugese tekst bij.


© Pull & Over photographs



Je gaat in dit album heel breed, met eigengereide bewerkingen van Gershwin, Monk tot Mozart, en legt de lat nog hoger met liefst 6 eigen composities…

Matthias Van den Brande: Het helpt met die bezetting van kwartet en blazers om alles naar mekaar toe te trekken. Die verschillende stijlen, verschillende invloeden tracht ik door het inbrengen van mijn eigen klankkleur toch te laten samenkomen. Conceptueel was het niet zo bedoeld, is het project uiteenlopend, verschilt de sfeer, maar uiteindelijk is er wel samenhang.

Het toeleggen op componeren is gegroeid toen ik een half jaar in Philadelphia aan de jazzafdeling van Temple University studeerde met Dick Oatts, lead altist van de Village Vanguard Orchestra. Een van de beste docenten in de wereld die ook aan o.a. Chris Potter les gaf en aanvoelt wat je nodig hebt. Zijn visie: studeer wat je componeert en componeer wat je studeert… in plaats van een stuk maandenlang in te studeren, neem je beter een bepaalde harmonische wending en uit zo’n stuk van bv. Monk en schrijf je vijf stukken geïnspireerd op die wending.

En natuurlijk heb ik heel wat opgestoken van een andere geweldige pedagoog: Bert Joris.


Wie heeft je als saxofonist beïnvloed?

Matthias Van den Brande: Het is moeilijk om één iemand voor te trekken, maar ik heb een lijstje van wie doorheen de jaren belangrijk voor me waren. Als allround muzikant Wayne Shorter die ik waardeer zoals hij in het leven staat, ook als aanhanger van het Boeddhisme, wat me zelf aanspreekt. Maar technisch zou ik nu Chris Potter vooropstellen. Andere invloeden in een bepaalde periode waren Joe Henderson en Jan Garbarek, en via Kurt Van Herck werd ik fan van Eddie Harris. Dat is dus erg uiteenlopend en kenmerkend voor mijn brede interesse.


Wisseloord Studio © Mark Nieuwenhuis



Je hebt ook gevoel voor humor als ik op de titels voortga o.a. Remember To Check Out, en het stukje Mozart met aansluitend Would He Like It? als verwijzing naar Eddie Harris…

Matthias Van den Brande: Ja ik vind het altijd leuk om een verhaal te vertellen, daarom wou ik ook een inlegboekje met toelichting bij de nummers. Bij de concerten is het ook een meerwaarde naar het publiek toe. Als ik schrijf dan gebeurt dat heel abstract, weet ik nog niet waarover het gaat. Eens het stuk af is, dan wijst het bijna vanzelf aan wat het te betekenen heeft.

Die humor rond Would He Like It? is heel bewust. Ik vind Mozart echt groovy voor zijn tijd en Eddie Harris inspireert me, dus breng ik die samen, en zoals ik in dit project klassiek met jazz laat versmelten zorg ik nu omgekeerd voor een clash van beide.


Het wordt een opgave om de volledige band van 9 overal in te zetten…

Matthias Van den Brande: Inderdaad, het nonet is niet overal inzetbaar, we zullen het soms zonder het blaaskwintet moeten stellen. Dan focussen we op het kwartet dat natuurlijk heel goed het programma van OPUS #1 in de vingers heeft. Als kwartet speelt er ook meer vrijheid en improvisatie. Dat geeft nog een andere dimensie aan dit project. Maar het blaaskwintet blijft een originele insteek en ik hoop het zeker zoveel mogelijk te laten schitteren.


Je koos voor de plaat geen groepsnaam…?

Matthias Van den Brande: Dat is heel bewust. Ik dacht wel om aan mijn naam zoiets als ‘group’ aan toe te voegen, maar mijn naam is al erg lang en ik teken volledig voor het concept en de muziek, dus hou ik het eenvoudig bij mijn naam. Het speelt dan ook minder in welke bezetting OPUS #1 zich voorstelt. De enige constante ben ik zelf.


© Bernard Lefèvre (november 2018)



© Pull & Over photographs



Concertagenda:

14/12/2018 - CC de Kern (Wilrijk)
13/01/2019 - Live at Miles (Amersfoort) - (quartet)
16/01/2019 - Headroom (Turnhout) - (quartet)
17/01/2019 - JazzCase (Neerpelt)
18/01/2019 - La Conserve (Leuven)


Info:

http://matthiasvandenbrande.be/

OPUS #1 is verschenen bij SFR-SoulFactory Records : soulfactory.be


our partners:

Clemens Communications


Silvère Mansis
(10.9.1944 - 22.4.2018)
foto © Dirck Brysse


Rik Bevernage
(19.4.1954 - 6.3.2018)
foto © Stefe Jiroflée

VKH Torhout

 

Special thanks to our photographers:

Annie Boedt
Klaas Boelen
Henning Bolte

Serge Braem
Cedric Craps
Christian Deblanc
Cindy De Kuyper

Koen Deleu
Ferdinand Dupuis-Panther
Anne Fishburn
Robert Hansenne
Stefe Jiroflée
Jos L. Knaepen
Hugo Lefèvre

Jacky Lepage
Olivier Lestoquoit
Eric Malfait
Nina Contini Melis
Arnold Reyngoudt
Jean Schoubs
Willy Schuyten

Frank Tafuri
Jean-Pierre Tillaert
Tom Vanbesien
Jef Vandebroek
Geert Vandepoele
Guy Van de Poel
Cees van de Ven
Donata van de Ven
Harry van Kesteren
Geert Vanoverschelde
Roger Vantilt
Patrick Van Vlerken
Marie-Anne Ver Eecke
Karine Vergauwen

Jan Vernieuwe
Anders Vranken


and to our writers:

Robin Arends
Marleen Arnouts
Henning Bolte
Danny De Bock
Ferdinand Dupuis-Panther
Paul Godderis
Jean-Pierre Goffin
Bernard Lefèvre
Claude Loxhay
Etienne Payen
Herman te Loo
Georges Tonla Briquet
Iwein Van Malderen
Olivier Verhelst