Zes jaar na “L'Americano” brengt Laurent Doumont “Meanwhile” uit, een album met een uitgebreid kwartet op verschillende nummers en uitsluitend originele composities. Een mooie gelegenheid om eens te praten over dit nieuwe project.

Waarom heeft het zo lang geduurd voordat er een tweede album kwam?
Maar, omdat het tijd kost om zoiets te verwezenlijken. We hadden ook twee jaar COVID, waarin de zaken toch niet in sneltempo verliepen. Dan heb je wat tijd nodig, en de moed om een plaat te maken. Want het is een grote investering, het kost veel tijd, en ook veel emoties. En ik vind het leuk om mijn projecten een beetje lang te laten sudderen.
Het vorige album kwam uit in 2019, en ik zat midden in een tournee. En toen, een jaar later, in maart 2020, kwam alles tot stilstand. Er waren heel wat concerten die zijn uitgesteld, maar dan wel tot veel later. En ik had verschillende projecten in gedachten, en uiteindelijk is dit project eruit gekomen. Het is ook een compositieproject, wat niet het geval was bij het vorige album, dat alleen covers bevatte. In dit geval vormen de composities de kern, die echt tot stand is gekomen tijdens de COVID-periode. Het was een gelegenheid om weer wat meer te oefenen op het instrument, nummers te schrijven en wat verder vooruit te kijken naar de toekomst.
Zijn het echt nummers die voor die band geschreven waren?
Het idee was echt om een kwartet te vormen, maar voor de plaat dacht ik: ik zou toch graag een beetje orgel toevoegen aan dit en dat nummer, omdat ze toch een soulkant hebben. En bij andere nummers hoorde ik een trompet, dus heb ik twee gastmuzikanten op de plaat gezet, maar die spelen alleen op een paar nummers. Nu het album uit is, vragen sommige organisatoren me om met een sextet te komen, wat ik niet erg vind.
De soulkant is nog altijd een beetje aanwezig...
De soulkant, natuurlijk, met het Hammondorgel, is iets natuurlijks. Op sommige nummers is er toch een jaren 60 vibe.
En op sommige nummers horen we ook de trompet...
Er is een nummer, ‘Mister BZ’, dat een mineur blues is, en het klopt dat ik dat vaak in een kwartet heb gespeeld, maar met de trompet krijgt het een soul jazzkantje, een beetje Horace Silver, Cannonball Adderley.
Er zit een filmische kant aan veel thema's...
Er is een verwijzing naar de film ‘Bullit’, dat is grappig. Ik had hem ‘Bullet’ genoemd, omdat hij wegschoot als een kogel. En toen dacht ik: als ik in Luik ga spelen, zullen ze me bullet, bullet sauce tomate, sauce lapin ! noemen. Ik dacht aan die film en herinnerde me dat er een prachtige achtervolging in zat. Ik ben trouwens dol op Steve McQueen, die heeft indruk op me gemaakt toen ik klein was. En toen dacht ik: ja, ik noem het ‘Bullet’, als eerbetoon aan inspecteur Bullitt.
Er is nog een andere verwijzing naar de film “My Left Foot”...
Het is eigenlijk een knipoog naar Daniel Day-Lewis. Maar ‘My Left Foot’ komt omdat ik problemen heb met de zenuwuiteinden in mijn linkervoet. Ik heb er hard aan gewerkt en nu gaat het veel beter. En het nummer, ik weet niet of je het gemerkt hebt, is in 7-4 of 7-8, en het thema is vrolijk. Het is een beetje een manier om uit te drukken dat je vrolijk kunt zijn terwijl je een beetje mank loopt. “Carpe Noctem” is ook vrij nieuw en vrolijk, Carpe Diem, ken je dat?
Ja. Dit nummer biedt Olivier Bresson de gelegenheid om een prachtige solo te spelen...
Olivier Bresson, ja. Hij is al sinds... Ik geloof dat hij een van de eerste trompettisten is met wie ik in een sectie heb gespeeld. En we spelen al minstens 30 jaar samen. In de eerste groep was er nog een andere trompettist, maar toen heb ik Olivier gevraagd om mee te spelen tijdens concerten en dat klikte meteen. We hebben ervaring met elkaar en het werkt meteen. Hij is ook een zeer goede vriend. We hebben samen heel wat nachten doorgebracht. Toen we jonger waren, nu zijn we wat rustiger geworden, maar we hebben veel nachten samen doorgebracht, met z'n drieën trouwens, samen met Alain Paliseul. Dit nummer is een beetje een eerbetoon aan Olivier, aan hem en aan onze gezamenlijke nachten: “Carpe Noctem”. Ik vind dat hij wat meer aandacht verdient, zoals in dit nummer. Hij speelt nog steeds, geloof ik, met Daniel Romeo. Hij heeft opnames gemaakt met Olivier Colette. Hij doet ook veel orkest- en popmuziek. Hij speelt al jaren met Bernard Lavilliers.

Dan is er nog “Mister BZ”...
Dit nummer heb ik opgedragen aan Bart Zegers. Bart is een contrabassist met wie ik een tijdje heb gespeeld. We hebben samen opgetreden in een show in Parijs. Aan het einde van de tournee, na het laatste concert, is hij overleden. Dit nummer heb ik lang geleden gecomponeerd. Er zit ook een kleine woordspeling in: “Mister BZ” is een mineur blues. En John Coltrane had “Mister PC” geschreven voor Paul Chambers, die zijn bassist was.
Nog steeds in het kader van hommages: heeft “Naama” iets te maken met Coltrane's “Naïma”?
Neen, helemaal niet. Ik heb er later over nagedacht. ‘Naama’ is een nummer dat ik heb opgedragen aan Naïma Levy. Zij was een van de Israëlische gijzelaars in Gaza. En toevallig is zij de dochter van een vriendin van een vriend die ik ken. Haar tijdelijke verdwijning, want ze is inmiddels vrijgelaten, heeft me erg geraakt. In de familie is ze ongeveer even oud als mijn dochter. Dus ik heb dit nummer geschreven terwijl ik aan haar dacht.
Als saxofonist, word je dan beïnvloed door oude of hedendaagse muzikanten? Chris Potter, Joe Lovano…?
Dat zijn twee goede voorbeelden die je noemt, Chris Potter en Joe Lovano hebben inderdaad invloed op mij gehad. Joe Lovano heb ik hier in België en in New York ontmoet. Bij Chris Potter heb ik een paar lessen gevolgd toen ik in New York was. Hij heeft echt een grote invloed op mij gehad.
Daarnaast ben ik nog steeds erg beïnvloed door muzikanten uit de jaren 50 en 60. Ik weet niet of je het kunt zien, maar daarachter hangt een grote foto van Sonny Rollins (het interview vond plaats via Zoom). Ik ben beïnvloed door die periode, maar niet alleen door saxofonisten of instrumentalisten, ook door de muziek van vandaag. Deze plaat is echt iets meer jazz en iets traditioneler, ook al heb ik hier en daar wat asymmetrische maatsoorten toegevoegd.
Een van mijn grote invloeden is bijvoorbeeld Prince. Ik luister ook veel naar hedendaagse rap, soul en electro. Wat instrumentalisten betreft, heeft niemand me de laatste jaren echt geraakt. Mijn hedendaagse helden zijn Chris Potter, Chris Cheek, Joshua Redman en Branford Marsalis. Van de iets oudere garde denk ik aan de gebroeders Adderley.
Hank Mobley heeft ook veel invloed op me gehad. Er is die plaat “Soul Station”, waarop hij een soort supercoole blues speelt, die helemaal vanzelfsprekend klinkt. Het is zo'n natuurlijke manier van spelen.
Wat me opviel in de hoestekst was de verwijzing naar François Louis...
Ik werk al heel lang met François Louis samen. Nu zijn zijn producten over de hele wereld verkrijgbaar en vind je alle producten van François Louis op alle muzieksites. Hij maakt mondstukken die hij altijd met de hand bijwerkt. Hij levert goed materiaal en heeft me ook veel geleerd over geluid. Het geluid dat ik vandaag heb, heb ik niet alleen te danken aan zijn mondstukken, maar ook aan onze gesprekken waarin hij me uitlegt hoe de lucht stroomt... Ik gebruik deze concepten ook met mijn leerlingen om te begrijpen hoe de lucht in een saxofoon circuleert en waar je een krachtig geluid kunt krijgen zonder te veel te dempen. Veel saxofonisten, waaronder een van mijn leraren destijds, Erwin Vann, hadden een mondstuk van François. Ik was dol op het geluid van Erwin.
De plaat is er, zijn er al concertdata bekend?
Er zijn concertdata, ja. Ik ben nog bezig met het invullen van de agenda, dus als programmeurs dit lezen, kunnen ze me bellen. Er staan 9 of 10 data op het programma, die zijn aangekondigd op mijn website en op Facebook: op 6 februari 2026 treden we op in Sint-Gilles, in La Tricoterie, met een sextet. Daarna is er Jazzzolder Mechelen op 27 februari. Vervolgens op 16 april in La Posterie in Courcelles. Op 20 juni in het Music Village. En op 25 juli op het Festival van Dinant. Misschien een leuk podium op het Brussels Jazz Weekend.
Interview © Jean-Pierre Goffin (vrije vertaling: Jos Demol) - foto’s © Robert Hansenne
In samenwerking met JazzMania

In case you LIKE us, please click here:





Hotel-Brasserie
Markt 2 - 8820 TORHOUT

Silvère Mansis
(10.9.1944 - 22.4.2018)
foto © Dirck Brysse

Rik Bevernage
(19.4.1954 - 6.3.2018)
foto © Stefe Jiroflée
Philippe Schoonbrood
(24.5.1957-30.5.2020)
foto © Dominique Houcmant

Claude Loxhay
(18.2.1947 – 2.11.2023)
foto © Marie Gilon

Pedro Soler
(8.6.1938 – 3.8.2024)
foto © Jacky Lepage

Sheila Jordan
(18.11.1928 – 11.8.2025)
foto © Jacky Lepage
Raúl Barboza
(22.5.1938 - 27.8.2025)
foto © Jacky Lepage
Special thanks to our photographers:
Petra Beckers
Ron Beenen
Annie Boedt
Klaas Boelen
Henning Bolte
Serge Braem
Cedric Craps
Luca A. d'Agostino
Christian Deblanc
Philippe De Cleen
Paul De Cloedt
Cindy De Kuyper
Koen Deleu
Ferdinand Dupuis-Panther
Anne Fishburn
Federico Garcia
Jeroen Goddemaer
Robert Hansenne
Serge Heimlich
Dominique Houcmant
Stefe Jiroflée
Herman Klaassen
Philippe Klein
Jos L. Knaepen
Tom Leentjes
Hugo Lefèvre
Jacky Lepage
Olivier Lestoquoit
Eric Malfait
Simas Martinonis
Nina Contini Melis
Anne Panther
France Paquay
Francesca Patella
Quentin Perot
Jean-Jacques Pussiau
Arnold Reyngoudt
Jean Schoubs
Willy Schuyten
Frank Tafuri
Jean-Pierre Tillaert
Tom Vanbesien
Jef Vandebroek
Geert Vandepoele
Guy Van de Poel
Cees van de Ven
Donata van de Ven
Harry van Kesteren
Geert Vanoverschelde
Roger Vantilt
Patrick Van Vlerken
Marie-Anne Ver Eecke
Karine Vergauwen
Frank Verlinden
Jan Vernieuwe
Anders Vranken
Didier Wagner
and to our writers:
Mischa Andriessen
Robin Arends
Marleen Arnouts
Werner Barth
José Bedeur
Henning Bolte
Paul Braem
Erik Carrette
Danny De Bock
Denis Desassis
Pierre Dulieu
Ferdinand Dupuis-Panther
Federico Garcia
Paul Godderis
Stephen Godsall
Jean-Pierre Goffin
Claudy Jalet
Chris Joris
Bernard Lefèvre
Mathilde Löffler
Claude Loxhay
Ieva Pakalniškytė
Anne Panther
Etienne Payen
Quentin Perot
Jacques Prouvost
Jempi Samyn
Renato Sclaunich
Yves « JB » Tassin
Herman te Loo
Eric Therer
Georges Tonla Briquet
Henri Vandenberghe
Peter Van De Vijvere
Iwein Van Malderen
Jan Van Stichel
Olivier Verhelst