Groovosophers - Groovosophers
G
Eigen beheer
Toegegeven: de grootste drempel van dit debuut is de synthklankvervorming waarmee gitarist en een van de twee belangrijkste componisten van het Poolse Groovosophers, Filip Wyrwa, de plaat opent.
Deze weerstand smelt al gauw als sneeuw voor de zon tijdens het beluisteren van ‘In Your Footprints’, opgedragen aan Wayne Shorter. De intro van ‘Chewing Gum’ wrijft eveneens omdat het stuk meteen met de deur in huis valt. Groovosophers zet de luisteraar duidelijk graag op het verkeerde been en is tevens niet in één vakje te plaatsen, wat blijkbaar de reden is waarom ze voorlopig niet doorbreken. Wyrwa kreeg al in eigen land meermaals te horen dat er te veel fusion, funk, soul, oosterse of iets anders en te weinig jazz in hun muziek zit en dat Groovosophers daarom niet op een jazzpodium hoort. Polen telt bovendien een aantal gevestigde jazznamen en dan blijf je beter dichtbij de canon. Jazz als conservatieve eenheidsworst, hoe is het mogelijk?
Want we hebben te maken met bijzonder solide en doorwrochte composities die gedragen worden door de soms dominante bas van Marcin Essen, de discrete drums van Grzegorz Bauer en het Grzegorz Madejs orgel. Daarboven soleren Filip Wyrwa, maar nog veel explicieter saxofonist en andere componist Tomasz Karaszewski en Satish Robertson op trompet. Deze laatste kwam oorspronkelijk enkel gastbijdragen leveren op vier van de negen werken, maar blijkbaar pakte de mayonaise zo goed dat hij volop aanwezig is op de intussen ook al verschenen liveplaat. Beide blazers nemen trouwens duidelijk het voortouw op het podium, zoals we in Mechelen konden zien.
In ‘BAA BAA’ krijgt de Hammond de eerste solo, al valt vooral weer de virtuositeit van Karaszewski op, deze keer op altsax, waarna bas en drum een aangename tête-à-tête krijgen. Net wanneer je verwacht dat de soli gedaan zijn, komt de trompet boven de rest bijna een klaagzang opvoeren die een aanloop is naar het enige trage werk, ‘For All Those Who Have Passed’. De klank in de gitaarsolo is deze keer niet vervormd, de tenorsax bouwt even op naar een hoogtepunt, gedragen door de Hammond, waarna de rust terugkeert.
Dit rustmoment ruimt baan voor opnieuw steviger funkwerk John Scofields ‘I’ll Take Les’ en ‘MLP’ lijken het hoogtepunt te worden, maar dan knalt ‘Fury’ de luisteraar wakker zoals ‘Jungle Grove’ het buskruit was op de tweede plaat van Buckshot LeFonque. ‘Starlight Trooper’ heeft begint als een Latin groove, maar misleiding zit in de melodische laag die de groep erboven legt. Eens dat oké lijkt, gaat Robertson toch weer die zuiderse kant op. Dit titelloze debuut groeit zelfs naarmate de naald of het laseroog vordert en dat is geen vanzelfsprekendheid. Afsluiter ‘No Place To Hyde’ klinkt dan weer als de eindgeneriek van een film, waar de camera boven de stad vergezichten toont.
Groovosophers klinkt niet per se vernieuwend, maar is gefundenes Fressen voor liefhebbers van muzikanten en auteurs die de oogkleppen afzetten en gaan voor groove en sfeer tegelijk. Dr. John, Stefan Pasborg, Dirty Dozen Brass Band, Defunkt…
Ondergetekende reserveerde het woord ontdekking de voorbije jaren voor Kaito Winse, Theon Cross en Jovin Webb en Groovosophers maakt evenveel aanspraak op deze eer. Toch vreemd dat alleen de Jazzzolder Mechelen vatbaar was en ze dus voor één concert afzakten naar België. Laat ze vooral terugkomen!
© Olivier Verhelst, 2026
















