Kin Gajo – Tsuki
K
W.E.R.F. - VINYL
De ep ‘Āku アーク’ duidde al lichtjes aan in welke richting het vervolg zou kunnen gaan. Accordeonist “hors pair” Stan Maris, saxofonist Werend Van Den Bossche en drummer Tom Peeters hielden woord. Op hun volwaardig albumdebuut ‘Tsuki’ tekenen ze alles wel radicaler uit en laten ze jazz exploderen dertig jaar de toekomst in. Verpakt in een al even futuristische manga-hoes, een van hun andere passies.
Om even te situeren waar deze dynamische en kernachtige concepten vandaan komen, citeren we enkele groepen waar de drie eveneens een lidmaatschap hebben: Ocean Eddie, Kreis, Dishwasher, Sonic Hug en Elias D’hooge Trio. Stuk voor stuk initiatieven waarbij de leden graag grenzen verleggen. Als trio benutten Maris, Van Den Bossche en Peeters deze ervaringen en trekken de lijn gedurfd door.
Ze stellen zich voor met een gepaste introductie onder de titel ‘Gajo, The Beginning’. Diep smeulende “grooves” ontwikkelen zich tot een subtiele funky ondertoon gehuld in een warme cocon. Vreemd? Wacht tot wat volgt. ‘Elegy For Gajo’ is een variant hierop maar gelardeerd met nog meer subversieve kanttekeningen. De inbreng van Van Den Bossche op fluit zorgt voor wat exotica in deze sowieso reeds ontwrichtende combinatie. Tot hij omruilt voor de saxofoon en een stevige jazzinjectie inlast. Dat Maris een accordeon kan hanteren als een ondefinieerbaar instrument wisten we al lang. Hier overtreft hij zichzelf. Inmiddels blijft Peeters alles kaderen, ongeacht de onverwachte tempowissels.
‘To You Someday’ drijft voort op een zacht soulritme dat herinneringen oproept aan de hit van Timmy Thomas, ‘Why Can't We Live Together’. In ‘Tsuki, The Awakening’ horen we, als referentie naar de titel, een omzichtig trio dat mogelijke routes uittest. In een eigen vorm van telexdialectiek wisselen ze onderling ideeën uit, steeds steunend op het net ontdekte alternatief. Een knappe les in construeren van patronen die terugkeert in ‘Farewell Taiyo’ dat zweeft in ambient nevelen.
Wie denkt dat Kin Gajo verder borduurt op wat bijvoorbeeld Floating Points deed met Pharoah Sanders vergist zich schromelijk. Ze introduceren riskantere alternatieven. Als echte “shapeshifters” kiezen ze bijvoorbeeld voor gefragmenteerde beats en een snuifje fusion. ‘Cursed Are The Words’ is zo de gedroomde openingstrack van kant B. Dit is live ook een van de (vele) sleutelmomenten. ‘I Can’t Tell You’ is dan weer een passage om opnieuw hun filosofische kant te belichten met Maris die zijn instrument even laat klinken als een echte accordeon. Lang duurt het interludium niet want al snel verbuigen ze het geheel tot gelaagde structuren.
‘Tsuki To Taiyo’ is de gedroomde blauwdruk voor een mix om er een gehaaide “chill” hit van te distilleren. Elk nummer kan trouwens dienen als basismateriaal voor een nieuw ontwerp. Dat is net de kracht van deze plaat. Afsluiten doen ze met het tweeluik ‘Eternal Struggle’ en ‘Delusional Hustle’. Wederom contrasten à gogo zonder de startvisie te verloochenen. Absolute tip voor de eindejaarslijstjes en onmisbaar voor fans van Flying Lotus.
Kin Gajo staat ook live garant voor een turbulente muzikale beleving. Ze verstevigen, vervormen en extrapoleren hun materiaal dat hun album zo sterk maakt. Een JazzLab tournee komt er aan met extra visuele inbreng van Moon die instant op het podium een mangatekening ontwerpt. Deze leverde tevens de indrukwekkende hoes (met duidelijke Moebius-invloeden) die de vinyl een meerwaarde geeft.
© Georges Tonla Briquet
Musici:
Stan Maris: accordeon, fx
Werend Van Den Bossche: saxofoon, fluit, klarinet, whistle
Tom Peeters: drums, percussie
BANDCAMP
https://möön.fr/















