20ste editie September Jazz: een jubileumviering waardig!

 

Too Noisy Fish – Peter Vandenberghe (piano, composities), Kristof Roseeuw (contrabas), Teun Verbruggen (drums) – werd door programmator en gastheer Willy Schuyten aangekondigd als een van de meest tegendraadse Belgische jazzgroepen en bovendien niet vies van een flinke scheut humor. Beide aspecten uit deze introductie werden al van bij de openingsnummers ‘Bread? Shade! She? Me…’ en ‘Defenstration’ (“de kunst iets uit het raam te gooien”) perfect geïllustreerd: bizarre titels en stukken waarin een aardige melodie plots ontaardt in ogenschijnlijke chaos die net wanneer je aan het bekomen bent van die bruuske wending, alweer overgaat in bv. een aanstekelijk swingende passage. Deze drie heren scheppen een duivels genoegen in onverwachte ritmeveranderingen inlassen en de luisteraar op het verkeerd been zetten waardoor de voet die mee stampte ineens gênant uit de maat blijkt… Muziek die iets doet met en iets vergt van de toehoorder, is duidelijk het credo van dit drietal. Voor zijn concert serveerde het een fijne selectie uit de cd’s ‘Fight Eat Sleep’ en Fast Easy Sick’.

Het publiek werd dus verwend met o.a. ‘In Dust We Trust’, met mooie solo van bassist Roseeuw; ‘Segmented’, een eigenzinnige interpretatie van Charlie Parkers ‘Segment’, en ‘PTMA’ (‘Pour Toi Mon Amour’) dat mooi en rustig begon - met alweer Roseeuw fraai de strijkstok hanterend – maar dan toch, zo typerend, naar een meer uptempo middenstuk evolueerde. Tijdens ‘Turkish Laundry’ toonde Teun Verbruggen, die al de hele tijd regelmatig met een brede grijns zat te drummen, zich helemaal losgeslagen. En bij afsluiter ‘Jazz Invaders’ herinnerde Vandenberghe – na alle krachttoeren die hij aan het klavier reeds had geëtaleerd – er nog eens aan in welke mate “zot doen” een essentieel onderdeel is van het bijeen geschreven repertoire. Via de naast hem staande Apple werden piep- en bliep-klanken uit een game genaamd Space Invaders geïntegreerd in de compositie.

Terecht, maar toch niet voor de hand liggend applaus voor zo’n eerder gewaagde opener. Het bewijst dat programmator Schuyten risico’s durft te nemen en men kan na dit concert enkel hopen dat deze onderdompeling in de vijver van Too Noisy Fish aanleiding mag zijn om werk van dit naadloos op elkaar ingespeeld trio aan de cd-collectie toe te voegen.

Na de pauze werd eigenlijk schepen Mieke Hoste verwacht voor een woord namens het stadsbestuur, maar het was uiteindelijk Veerle Mans (De Werf) die het op zich nam de verwelkoming uit te spreken. Zij benadrukte meteen dat September Jazz in 2016 aan zijn 20ste editie toe was; een jaarlijks festival dat het resultaat is van een samenwerking tussen Stad Brugge, Handelsgebuurtekring Langestraat-Hoogstraat (“Rita van Den Elder”), De Ganzeveer (“Rita van de school”) en De Werf die zij allen dan ook dankte. Speciaal echter wou ze in the spotlight toch even Willy Schuyten zetten op wie men voor dit festival reeds al die tijd beroep heeft mogen doen en wiens passie voor jazz zo groot is dat geen vraag hem ooit te veel is. Terecht werd Willy met een stevig applaus gehonoreerd. Mans eindigde het intermezzo met een verwijzing naar de uitgebreide najaarsprogrammatie van De Werf en in het bijzonder naar de W.E.R.F.-Labelnight op 8 oktober met zomaar even 10 (uiteraard Belgische) groepen die voor dat label hebben opgenomen of nu een eerste cd uitbrengen.

Bij de introductie van de tweede act duidde presentator Schuyten dat Francesco Bearzatti Tinissima 4Tet bestaat uit 4 geëngageerde muzikanten. Na eerdere suites gewijd aan o.a. Tina Modotti en aan Malcolm X (beide indertijd ook in De Werf voorgesteld), heeft de groep nu een werk gecreëerd rond spilfiguur Woody Guthrie. Deze protestzanger werd tijdens en na de Grote Depressie geraakt door de opkomst van het fascisme, wat hem ertoe bracht de woorden “This Machine Kills Fascists” in zijn gitaar te kerven. Een statement zo krachtig dat Schuyten het in deze tijden, met o.a. de (reacties op de) vluchtelingencrisis, passend vond dit project te programmeren.

Na een korte introductie door saxofonist-klarinettist Francesco Bearzatti zelf, bracht de groep dat nieuwe werk integraal en in zo goed als dezelfde volgorde van de cd. Eén uitzondering: er werd gestart met ‘Dust Bowl’, waarin elk van de groepsleden – Bearzatti, Giovanni Falzone (trompet), Danilo Gallo (elektrische bas), Zeno De Rossi (drums) – geluiden produceerde alsof boven De Ganzeveer daadwerkelijk een zandstorm was opgestoken waardoor de inhoud van de zandbak op de speelplaats de hoofden van de aanwezigen striemde. Vervolgens werd de toehoorder meegenomen op een fantastisch boeiende muzikale reis met ‘Okemah’ – de geboorteplaats van Guthrie – als point de départ. Vanaf het derde stuk, ‘Long Train Running’ - in zuivere blues traditie gebracht èn met bijhorend gefluit van een locomotief - werd al duidelijk wat Schuyten ondergetekende vooraf had bezworen: “Besef dat de muziek pas tot volle bloei komt op een podium en voor een publiek”. Met Falzone zeer stevig uithalend op trompet kreeg het concert een potig en verschroeiend karakter en toen Bearzatti zijn solo op klarinet bracht leidde dit tot een eerste manifestatie van audience participation in de vorm van ritmisch handgeklap.

Tijdens ‘Hobo Rag’ vuurden trompettist en saxofonist elkaar met aanmoedigingskreten aan toen elk van hen soleerde, iets wat ze trouwens het hele verdere optreden geregeld zouden doen. ‘NY’ ontstond uit een donkere solo van bassist Gallo. Falzone speelde tijdens de solo van Bearzatti “luchtgitaar” op zijn trompet (!); Bearzatti dan weer zette zich tijdens het solomoment van Falzone aan de piano (maar of en wàt hij speelde, heb ik niet kunnen uitmaken). ‘Witch Hunt’ zag zowel de saxofonist als de trompetspeler sneller dan zijn schaduw musiceren – voor mijn geestesoog dook een beeld van Parker en Gillespie op – en ook drummer De Rossi ging tijdens dit stuk krachtig tekeer. Een formidabele ritmesectie, deze Gallo en De Rossi, weze in de verf gezet, want omdat Bearzatti en Falzone zich zo op de voorgrond en dus in de kijker werken, zou dit schandelijk over het hoofd kunnen worden gezien. Met ‘When U Left’ werd even gas teruggenomen en kreeg het publiek dus de gelegenheid een wijle op adem te komen. Deze compositie begon met en doofde aan het eind uit met gevoelige solo’s van Falzone. Slotnummer ‘One For Sacco And Vanzetti’ startte als een Oosters-aandoende melodie maar vervelde vervolgens door de afwisselende zangpartijen van Bearzatti en Falzone tot een bluesy en ontroerende klaagzang.

Staande ovatie van een deel van het publiek voor dit Francesco Bearzatti Tinissima 4Tet, waarvan die zaterdag overigens zowel De Rossi als Bearzatti jarig was zoals de saxofonist met de toehoorders deelde. Afsluiter werd uiteindelijk ‘This Land Is Your Land’, de enige eigen Guthrie-compositie van de avond (en op de cd) en zowat de “grootste hit” en meest gekende song van deze protestzanger en chroniqueur van zijn tijd. Het publiek ging gretig in op de vraag tot tekstloze, lees “lalala”-meezang en deze tweede publieksinbreng werd helemaal een feest toen het duo Bearzatti-Falzone van het podium afdaalde en tussen de stoelenrijen kwam spelen. De song kreeg een puur Dixieland-jasje aangemeten en in ware New Orleans processiestijl marcheerden de muzikanten ten slotte terug naar hun verhoog.

Francesco Bearzatti Tinissima 4Tet – om een al te voor de hand liggend citaat, voor deze gelegenheid in een andere werkwoordsvorm, te citeren – venit, vidit, vicit! Wie reeds vooraf kennis had genomen van de muziek op ‘This Machine Kills Fascists’ zal zonder twijfel bijzonder aangenaam verrast zijn geweest, want uiteindelijk is de conclusie bij het beluisteren van de cd dat die vrij mak klinkt in vergelijking met de kracht die van de live-uitvoering uitgaat. Omgekeerd zou wie zich de cd op basis van dit concert aanschaft wel eens teleurgesteld kunnen geraken tijdens het beluisteren van de versies zoals ze op de schijf zijn geregistreerd.

Wegens even achteraan rond een tafel gezeten dat vorige optreden evaluerend, heb ik door het gepraat alom niet kunnen horen in welke bewoordingen Willy Schuyten het trio van Raf D Backer aankondigde. Feit is dat de pianist en zijn podiumgenoten - Cédric Raymond (contrabas) en Dré Pallemaerts (drums) – vanaf de eerste noten die ze uit hun respectieve instrumenten toverden, zorgden voor een sfeer waarin men zich vol welbehagen kon koesteren. Het trio begeleidde de aanwezige muziekliefhebbers moeiteloos de intussen late avond in, waarbij Pallemaerts de hele set lang schijnbaar moeiteloos bewees wat een virtuoze slagwerker hij door zijn nimmer aflatende inventiviteit ontegensprekelijk is en zich aan de absolute top van het Belgische jazzfirmament een vaste en onbedreigde stek heeft veroverd.

Maar ook Raf D Backer is een (nog te onbekende) meester der pianotoetsen, die dingen van heel grote klasse demonstreerde, evenwel zonder ooit aanstellerig over te komen. Bassist Raymond zorgde onderwijl voor een stevige basis die zijn genoten het nodige houvast gaf dat onontbeerlijk is voor deze stijl(en) van muziek. De bandleider en zijn bassist zijn in onze contreien helaas nog weinig bekend, maar de naam van dit trio zal na die – voor velen eerste – kennismaking zonder twijfel een plaats in het geheugen krijgen. Helaas was van enig verbaal contact met het toch zeer welwillende publiek geen ogenblik sprake. Bij mij rees de vraag of D Backer in de (verkeerde) veronderstelling verkeert dat men in Brugge geen Frans begrijpt. Of anderzijds een hekel heeft aan spreken voor een groep mensen. Maar dat zelfs een voorstelling van de muzikanten ontbrak, lijkt mij vooral in dit geval een zeer gemiste kans. Zelf (nog) niet voldoende vertrouwd  met het werk van deze toetsenman, kan ik in deze impressie derhalve geen enkele gebrachte titel met naam vermelden. 

Niettemin luidt de conclusie dat dit een zeer mooi optreden werd, door menigeen zeker fel gesmaakt, maar dat naar mijn aanvoelen toch niet de volle aandacht en waardering heeft gekregen waar het gewis recht op had. Op de vraag achteraf aan Willy Schuyten of de keuze van Raf D Backer als afsluiter de juiste was, na dat spetterend en nu al memorabel concert van Francesco Bearzatti Tinissima 4Tet, bleef de programmator bij zijn gevolgde opbouw zweren. “Je kunt het publiek na zo’n verschroeiende set als die van de 4 Italianen niet naar huis sturen”, luidde zijn argumentering, “je moet wat afbouwen, de mensen de kans geven van een degelijke hoogte te landen”. Welke voorkeur men ook aanhangt: als de ongeschreven opdracht voor Raf D Backer was om de festivalgangers goedgeluimd en with a satisfied mind (al dan niet rechtstreeks) huiswaarts te laten keren, dan heeft naar mijn mening het trio dat met verve voor mekaar gebracht.

De 20ste editie van September Jazz bleek opgesierd met een programmatie een jubileumviering absoluut waardig: geen teleurstellingen, geen mindere optredens en volop ontdekkingen. Kortom: laat komen, die 21ste editie!

Tekst: Paul Godderis
Foto’s: Willy Schuyten


 Jazz'halo radio by
DJ Ferdinand Dupuis-Panther:

 

Facebook  

Clemens Communications

Jazz Rules Radio

De Werf

VKH Torhout

 

Special thanks to our photographers:

Henning Bolte
Cedric Craps
Christian Deblanc

Koen Deleu
Ferdinand Dupuis-Panther
Anne Fishburn
Robert Hansenne
Stefe Jiroflée
Jos L. Knaepen
Jacky Lepage
Nina Contini Melis
Arnold Reyngoudt
Willy Schuyten

Frank Tafuri
Jean-Pierre Tillaert
Tom Vanbesien
Geert Vandepoele
Guy Van de Poel
Cees van de Ven
Geert Vanoverschelde
Patrick Van Vlerken
Marie-Anne Ver Eecke

Jan Vernieuwe

and to our writers:

Robin Arends
Henning Bolte
Danny De Bock
Ferdinand Dupuis-Panther
Paul Godderis
Jean-Pierre Goffin
Claude Loxhay
Etienne Payen
Herman te Loo
Georges Tonla Briquet
Iwein Van Malderen